Portforwarding - pcehbo (hoofdsite)

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Netwerk&Zo
Portforwarding
Portforwarding is het doorzetten van services door middel van specifieke poorten. Simpel gezegd; een aanvraag van buitenaf moet intern naar het juiste apparaat worden doorgestuurd. Bij portforwarding moeten de volgende gegevens worden ingevuld:
  1. een externe begin- en eindpoort
  2. een interne begin- en eindpoort
  3. een intern IP-adres van het betreffende apparaat

Portforwarding wordt duidelijk met onderstaand voorbeeld:
Een computer in netwerk A wil via FTP verbinding maken met een (NAS)server in netwerk B. Computer A roept de externe poort (21) aan. Router B controleert of er aan de externe poort ook een interne poort (21) en een ipadres (sever) gekoppeld zijn. Als dit het geval is dan krijgt computer A toestemming om in te loggen. In router B moet daarom het volgende worden ingevoerd:
- externe poort: 21, want deze wordt door externe apparaten aangeroepen
- interne poort: 21, aan een externe poort is altijd een interne poort gekoppeld. Vaak is dit hetzelfde poortnummer.
- interne IP-adres van de (NAS)server: de eindbestemming

In dit voorbeeld wordt de standaardpoort voor FTP gebruikt. Soms bestaat de mogelijkheid om intern een ander poortnummer te gebruiken, bijvoorbeeld extern 21 en intern 2121, zolang de poorten maar overeenkomen met de beschreven services/protocollen.
Als portforwarding niet werkt dan kan dat de volgende oorzaken hebben;
- de gebruikte poorten horen niet bij de service/protocol
- de gebruikte poorten zijn al in gebruik door een andere service/protocol
- de internetprovider heeft portforwarding geblokkeerd voor bepaalde services/protocollen (dit komt echt voor!)



 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu